Op 21 juli 2024 werd het oosten van Nederland overvallen door extreme regenval. In de regio Enschede viel in minder dan 3 uur tijd tussen de 85 en 100 mm neerslag. In de Enschedese wijken Pathmos en Stadsveld kon deze neerslag dusdanig slecht verwerkt worden dat 79 gezinnen tijdelijk hun huis moesten verlaten. De schade bleek dusdanig dat 57 gezinnen definitief niet kunnen terugkeren naar hun woning1. Deze casus laat zien dat overstromingsschade als gevolg van extreme kortdurende regenval zeker op individueel niveau enorm kan zijn. Maar hoe groot is de kans op dit soort extreme kortdurende regenval in Nederland, en hebben we goed in beeld hoe groot de gevolgen op hoger niveau kunnen zijn?
Afgelopen december publiceerde Milliman een white paper2 waarin we het risico op extreme neerslag kwantificeren via extreme waardetheorie (Extreme Value Theory – EVT)3. Extreme neerslag is de belangrijkste driver voor plotselinge, zeer lokale overstromingen – in het Engels 'flash floods' genoemd. Naast overstromingen door het falen van niet-primaire waterkeringen is dit het type overstroming waarvoor schade doorgaans gedekt is onder particuliere en zakelijke brandverzekeringen.
In dat eerdere artikel laten we zien welke neerslagwaardes redelijkerwijs verwacht kunnen worden op verschillende locaties in Europa en voor verschillende terugkeerperiodes. Daarnaast bespreken we mogelijke toepassingen van EVT, zoals het evalueren en valideren van Solvency II interne modellen en het definiëren van uitbetalingsstructuren voor parametrische verzekeringen.
In dit artikel passen we EVT toe op uurlijkse neerslagdata van het KNMI. Daarnaast bespreken we aanvullende factoren die relevant zijn om zowel het risico op flash floods in te schatten als de financiële gevolgen hiervan te kwantificeren.
Uitkomsten van analyse
Figuur 1 toont de neerslagwaardes in Nederland bij een terugkeerperiode van 100 jaar, gebaseerd op dagelijkse neerslagdata en EVT zoals toegepast in het eerdere artikel. Deze variëren tussen circa 6 en 11 centimeter, waarbij de waardes gemiddeld iets hoger liggen in Zeeland, Zuid-Limburg en het oosten van het land.
Figuur 1: neerslagwaardes per dag (in centimeter) behorende bij een terugkeerperiode van 100 jaar

Voor het duiden van het overstromingsrisico is niet alleen de hoeveelheid maar ook de intensiteit van de neerslag van belang. Wanneer een bepaalde hoeveelheid regen gestaag over de dag valt, heeft dit immers andere gevolgen dan wanneer dezelfde hoeveelheid in een korte periode valt. Figuur 2 toont de uitkomsten van de analyse op basis van uurlijkse neerslagdata van het Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut (KNMI)4. Vanwege de kortere historie van deze dataset presenteren we hier de neerslagwaardes – nu op uurbasis – die horen bij een terugkeerperiode van 50 jaar.
Figuur 2: neerslagwaardes per uur (in centimeter) behorende bij een terugkeerperiode van 50 jaar

Deze analyse laat geen materiële verschillen zien tussen regio's. Dit is conform verwachting, gezien de beperkte klimatologische verschillen in Nederland. Volgens deze analyse kunnen we op een willekeurige locatie in Nederland gemiddeld eens in de 50 jaar regenval van 6 centimeter per uur verwachten. Ter vergelijking: op dagbasis komt 6 centimeter neerslag overeen met een terugkeerperiode van ongeveer 10 jaar.
Belangrijk om te benadrukken: onze analyse stelt de plaatsgebonden terugkeerperiodes van extreme neerslag vast. De waarschijnlijkheid dat een extreme bui (bijvoorbeeld de hierboven genoemde 6 centimeter per uur) érgens in Nederland optreedt is aanzienlijk hoger dan een terugkeerperiode van 50 jaar. Bovendien is er een reële kans dat de gebruikte datasets historische extreme buien missen, omdat deze zijn gevallen op plekken zonder weerstation. Daarnaast zijn effecten van klimaatverandering niet expliciet meegenomen in de berekeningen. De uitkomsten van onze analyse moeten daarom worden gezien als ondergrens van de werkelijke kansen.
Van neerslag naar overstroming
Korte maar zeer intense regenbuien zorgen het vaakst voor plaatselijke overstromingen. Zo is op 29 juni 2021 6,7 centimeter neerslag in één uur gemeten op het automatische weerstation Maastricht Airport. Op basis van radarbeelden is geconcludeerd dat op nabijgelegen plekken de neerslag nog heviger moet zijn geweest. In de regio leidde dit tot schade aan spoormaterieel, een gesprongen gasleiding en meerdere evacuaties. Met name het dorp Eygelshoven werd zwaar getroffen5.
De gemiddelde capaciteit van regenwaterafvoer via het riool ligt in Nederland tussen 2 en 3 centimeter neerslag per uur6. Bij intensere neerslag blijft het overschot op het oppervlak liggen. Wanneer sprake is van een gemengd rioolsysteem kan bovendien ook rioolwater naar boven komen. Het overtollige water stroomt naar het laagste punt – kelders, viaducten en tunnels, met wegblokkades tot gevolg. In gebieden met natuurlijke hoogteverschillen kan dit echter ook een gehele wijk betreffen. De hoeveelheid water die hier verwerkt moet worden is dan gelijk aan het verschil tussen afvoercapaciteit en lokale neerslag, plus het overtollige water dat vanuit hogergelegen gebieden toestroomt. Figuur 3 toont de hoogteverschillen in Zuid-Limburg op basis van het Actueel Hoogtebestand Nederland. Om het dorp Eygelshoven is een rood kader geplaatst. De relatief lage ligging van het dorp ten opzichte van de omgeving valt hier op, wat ook heeft bijgedragen aan de ernst van de overstroming op 29 juni 2021. In de Klimaateffectatlas7 zijn kaarten met indicatieve waterdiepte na kortdurende extreme neerslag beschikbaar. Hierin wordt onder andere rekening gehouden met hoogteverschillen. In juli 2026 worden deze kaarten bijgewerkt met recente inzichten8.
Figuur 3: Actueel Hoogtebestand Nederland – ingezoomd op Zuid-Limburg

Bron: ahn.nl
Een andere risicofactor betreft de afwezigheid van alternatieve opvangmogelijkheden zoals via oppervlaktewater of grondwater. Dit heeft bijvoorbeeld bijgedragen aan de grote gevolgen van de overstromingen in Pathmos en Stadsveld9.
Naast bovengenoemde factoren die met name gerelateerd zijn aan de kans op overstroming, is het essentieel om ook te kijken naar de waarde en kwetsbaarheid van gebouwen en inboedels in risicogebieden. Zo hebben in Pathmos en Stadsveld ook specifieke gebouwkenmerken zoals houten ondervloeren, slechte kwaliteit van bouwmaterialen en vochtgevoelige isolatie de gevolgen verzwaard10. Verder zal overstroming van een fabriek met zeer specialistische apparatuur een hogere schadelast met zich meebrengen dan overstroming van een sporthal. Ook de impact op het maatschappelijk leven is relevant. In dat kader is de evacuatie van het Slingeland Ziekenhuis in Doetinchem een sprekend voorbeeld. Uit onderzoek van onder andere onderzoeksbureau Investico blijkt dat dergelijke situaties kunnen optreden bij 17 van de 77 ziekenhuizen in Nederland die acute zorg verlenen11. Wanneer hevige neerslag op precies de verkeerde plek valt, zijn de mogelijke financiële en maatschappelijke gevolgen enorm.
Conclusie
Met behulp van extreme waardetheorie kunnen we een inschatting maken van de hoeveelheid neerslag die verwacht kan worden bij verschillende terugkeerperiodes. Waar we over geheel Europa forse verschillen zien in verwachte extreme neerslag tussen regio's, zijn deze verschillen binnen Nederland beperkt. Wel weten we dat de kans dat deze extreme neerslag érgens in Nederland plaatsvindt aanzienlijk groter is dan de puntschatting op basis van het model. Het is daarom niet de vraag wannéér deze extreme buien gaan plaatsvinden, maar wáár dit gebeurt. Op een ongunstige locatie kunnen de gevolgen van een bui die al vaker boven Nederland is gevallen veel groter zijn dan we tot nu toe hebben ervaren.
Voor een gedegen risico-inschatting van bijvoorbeeld een verzekeringsportefeuille of kritische infrastructuur is het daarom essentieel om lokale kenmerken zoals hoogteverschillen, afvoercapaciteit, bouwkwaliteit en uiteraard de (verzekerde) waarde mee te nemen. Een grondige evaluatie van bestaande blootstellingen geeft de mogelijkheid om preventief maatregelen te treffen – want we zien de bui al hangen.
1 https://nl.milliman.com/nl-NL/insight/where-is-europe-next-flash-flood, p. 66.
2 https://nl.milliman.com/nl-NL/insight/where-is-europe-next-flash-flood.
3 Extreme waardetheorie is een tak van statistiek specifiek gericht op het analyseren van de staart van statistische verdelingen, oftewel het inschatten van de kans op gebeurtenissen met zeer lage waarschijnlijk maar zeer grote impact.
4 https://www.knmi.nl/nederland-nu/klimatologie/uurgegevens.
5 https://nos.nl/artikel/2387253-straten-en-spoor-in-zuid-limburg-blank-door-zware-regenval.
6 https://onderzoeksraad.nl/wp-content/uploads/2026/01/onveiligheid-door-extreme-regen.pdf, p.72.
7 https://www.klimaateffectatlas.nl/nl/waterdiepte-bij-kortdurende-hevige-neerslag.
8 https://www.dgbc.nl/nieuws/nieuwe-kaarten-voor-waterdiepte-bij-hevige-buien.
9 https://onderzoeksraad.nl/wp-content/uploads/2026/01/onveiligheid-door-extreme-regen.pdf, p. 72.
10 https://onderzoeksraad.nl/wp-content/uploads/2026/01/onveiligheid-door-extreme-regen.pdf, pp. 72-73.
11 https://www.platform-investico.nl/onderzoeken/nederland-niet-voorbereid-op-hevige-regen